Rapport van ULI : Conferentie 10 mei 2016 - Tour & Taxis - Brussel

De invloedrijke politici van Brussel en Antwerpen moeten de bestuursstructuren, toegankelijkheid en duurzame stedelijke ontwikkeling verbeteren om competitief te blijven

Vrijdag 13 mei 2016 — In een nieuw rapport van het ULI wordt geopperd dat de steden Brussel en Antwerpen hun bestuursstructuren, toegankelijkheid en duurzame stedelijke ontwikkeling moeten verbeteren om competitief te blijven. In ‘Brussels and Antwerp: Pathways to a Competitive Future’ wordt de huidige concurrentiepositie van deze steden, de grootste en meest mondiaal verbonden Belgische steden, geëvalueerd. Ook worden er aanbevelingen geformuleerd om hun concurrentiepositie nog verder te verbeteren op internationaal niveau.

“In België wordt de kwestie van concurrentiekracht gekenmerkt door verschillende vormen van druk en uitdagingen wegens de geschiedenis van het land en haar strategische rol binnen Europa,” aldus Marnix Galle, CEO van Allfin en voorzitter van ULI Belgium. “Om in deze context te kunnen bloeien, moeten Belgische steden een waaier van factoren aanpakken, van bestuurskaders en regelgevingskwesties tot minder tastbare kwesties, zoals levenskwaliteit en sociale integratie.”

“Investeerders richten zich bijna exclusief op steden wanneer ze in vastgoed en infrastructuur investeren,” zei de CEO van ULI Europe, Lisette van Doorn. “Ze tonen voornamelijk interesse in steden die steeds mobielere arbeidskrachten weten aan te trekken en behouden dankzij een sterke combinatie van levenskwaliteit en aandacht voor innovatie. In deze context is het van belang dat steden manieren vinden om hun concurrentiepositie te ontwikkelen en veilig te stellen. In dit rapport worden concrete aanbevelingen gedaan om de concurrentiekracht van Brussel en Antwerpen te vergroten.”

Het rapport stoelt op onderzoek dat begin 2016 door het ULI werd gedaan en dat bestaat uit twee workshops in Brussel en Antwerpen met leden van het ULI en andere leidinggevenden uit de publieke en private sector, interviews met Belgische experts op het vlak van stedelijke ontwikkeling en een beoordeling van de twee steden op basis van erkende maatstaven voor internationale prestaties. In het rapport zijn twee gedetailleerde casestudy's naar de competitiviteit van elke stad opgenomen.

In het rapport wordt de competitiviteit van Brussel en Antwerpen beoordeeld op basis van vier sleutelelementen: bestuurskader, concurrentieklimaat, agglomeratie en aantrekkelijkheid voor talenten. Binnen de categorie ‘concurrentieklimaat’ worden geopolitieke risico’s in aanmerking genomen, waarmee in bestaande modellen voor het beoordelen van stedelijke competitiviteit geen rekening wordt gehouden.

Krachtens het rapport beschikken zowel Brussel als Antwerpen al over talloze aanzienlijke concurrentievoordelen. De sterke punten van Brussel zijn haar gevarieerde economie, haar jonge actieve bevolking die in een snel tempo toeneemt, haar uitstekende Pan-Europese transportverbindingen en haar inspanningen om polycentrischer te worden.

Antwerpen heeft talloze concurrentievoordelen tegenover andere bestaande en historische Europese havensteden, zoals succesvolle industrieclusters, een grijpklaar aanbod aan geschoolde werknemers, een verbeterd kosten- en stimulansenklimaat om de innovatie-economie te stimuleren en een sterk leiderschap.

In het rapport wordt echter geopperd dat Brussel en Antwerpen verschillende veranderingen zullen moeten doorvoeren om competitief te blijven. Hieronder vindt u een overzicht van de voornaamste aanbevelingen uit het rapport:

 

 

Brussel

 

  • Bestuurskader: Brussel moet bestuurshervormingen doorvoeren, lobbyen voor inkomstenverdeling om meer van de inkomsten van commerciële en politieke activiteiten te verwerven, sterkere mechanismen uitwerken om intergemeentelijke langetermijnprojecten te verwezenlijken en openbaar vervoer en polycentrischer groei promoten.
  • Concurrentieklimaat: om het concurrentieklimaat te verbeteren, moet Brussel het scheppen van banen afstemmen op de bevolking door banen voor een laag en gemiddeld scholingsniveau te creëren. Bovendien moet de stad haar reputatie in het binnenland opbouwen door de waarde van de stad in de rest van België uit te dragen.
  • Aantrekkelijkheid voor talenten: om de stad aantrekkelijker te maken voor talenten, moet Brussel haar imago en internationale positie opkrikken. Bovendien moet de stad de levenskwaliteit trachten te verbeteren om een diverse, internationale mix van toekomstige bewoners aan te trekken en te behouden.

 

 

Antwerpen

 

  • Bestuurskader: Antwerpen moet zich richten op een betere coördinatie in de metropool, het uitwerken van een duidelijke groeistrategie voor de metropool en het investeren in transportinfrastructuur.
  • Concurrentieklimaat: om haar concurrentieklimaat te verbeteren, moet Antwerpen sociale cohesie en stedelijk wonen promoten door aan de hand van nieuwe infrastructuur jongere burgers aan te spreken.
  • Agglomeratie: Antwerpen kan voortbouwen op haar agglomeratievoordelen door economiesectoren aan te moedigen hun profielen te schetsen en hun autonomie uit te breiden.
  • Aantrekkelijkheid voor talenten: Antwerpen kan aantrekkelijker worden voor talenten door haar imago op te krikken en het internationaal imago van de stad op het gebied van handel, toerisme en innovatie te verbeteren.

 

U kunt het rapport downloaden via http://europe.uli.org/report/brussels-antwerp.

 

Over het Urban Land Institute
Het Urban Land Institute is een opleidings- en onderzoeksinstelling zonder winstoogmerk, ondersteund door haar leden. Haar missie luidt een leiderschapsrol te vervullen op het vlak van verantwoord landgebruik en het scheppen en behouden van bloeiende gemeenschappen op wereldschaal. De instelling werd in 1936 opgericht en telt wereldwijd meer dan 38.000 leden die alle disciplines van landgebruik en ontwikkeling vertegenwoordigen. Ga voor meer informatie naar europe.uli.org, volg ons op Twitter, of word lid van onze LinkedIn-groep.